Unesco werelderfgoed - Stadhuis en belfort

Het is een plaats van feesten, van heftige discussies, een lach en een traan, leerrijke ontmoetingen maar toch bovenal een steenrijk stadhuis.
Victor Hugo schreef ooit: “in dit fantastische gebouw is er geen enkel detail dat het niet waard is bekeken te worden”.

Sinds 1538 kijkt Hanske de Krijger van op de toren van het stadhuis naar de Vlaamse Ardennen. Het roodkoperen verguld beeld is van de hand van de Oudenaardse zilversmid Willem Blansterins.
De bouwwerken aan het stadhuis begonnen in 1526, met de eerstesteenlegging door stadsgouverneur Philips de Lalaing. Bouwmeester Hendrik Van Pede was de architect.
Het resultaat is een prachtig voorbeeld van Brabantse gotiek. De realisatie van het stadhuis gebeurde op een korte termijn en dat heeft veel bijgedragen tot de esthetische eenheid van het gebouw. De grote waarde ervan ligt ongetwijfeld in de uiterst zuivere verhoudingen en in de ongeëvenaarde monumentaliteit.

Het belfort is als centrale toren opgenomen in de hoofdvleugel van het stadhuis. Op 1 december 1999 werd het Oudenaards belfort, samen met 23 andere Vlaamse en 6 Waalse belforten, door de Unesco erkend als werelderfgoed. Het stadhuis onderging in de loop der jaren verschillende restauratiewerken. De laatste restauratie begon in 1956 en werd een paar jaar geleden beëindigd.

Voor zuiver materiële, fiscale en handelsdoeleinden waren er afzonderlijke ruimtes voorzien op de benedenverdieping van het stadhuis: het korenhuis, de cale of waag en de benedenlakenhalle.

Grootse ontvangsten, feesten, maaltijden en vermakelijkheden vonden plaats in de volkszaal, die de hele voorkant van de eerste verdieping in beslag neemt. Deze zaal geeft uit op een overwelfd balkon.

De belangrijkste zaal op deze verdieping is echter die waar het Schepenbestuur zetelde, de schepenzaal. Men komt de schepenzaal binnen via een monumentaal tochtportaal, dat door de plaatselijke beeldhouwer Pauwel Van Der Schelden gemaakt werd in 1533-1536. In de schepenzaal hangen diverse belangrijke schilderijen, waaronder 'Panorama van Oudenaarde' van I.D. Maire. Maar u kan er ook kennismaken met veel belangrijke figuren die ooit een rol speelden in de geschiedenis en voor het nageslacht vereeuwigd werden op doek.

Sinds maart 2012 bevindt het MOU, Museum Oudenaarde en de Vlaamse Ardennen, zich in het stadhuis van Oudenaarde. Het neemt er het oudste deel in, de veertiende-eeuwse Lakenhalle, symbool voor het roemrijke textielverleden van Oudenaarde. Wie na het meanderende parcours de smaak te pakken heeft, kan in de bovenlakenhalle 15 originele Oudenaardse wandtapijten bewonderen, en in drie andere stadhuiszalen de collectie De Boever-Alligoridès, een van de grootste zilvercollecties van Vlaanderen.