Oudenaarde
Oudenaarde is ongeveer 1000 jaar oud en kan een geschenk van de Schelde genoemd worden. De Schelde was de goedkoopste weg voor de handel. Ze verbond de zee en de latere metropolen met de veel vroeger opbloeiende steden van haar Zuiderbekken, waaronder Arras. Steden als Oudenaarde lagen op de grote weg van de invasies, waardoor ze door de eeuwen heen van strategisch belang waren.
![]() |
![]() |
Maar de stad groeide ondanks twee verwoestingen en een brand. Een eerste 'spei' (een primitieve sluis met vaartkom) werd reeds aangelegd in de 11de eeuw voor de toenemende scheepvaart. In die tijden breidde het economisch zwaartepunt zich uit naar het Noorden en Oudenaarde kreeg meer belang als interregionale en regionale handelsplaats. Wellicht hebben de schapenkudden in het onstabiele stroomgebied van de Schelde de wolnijverheid gevoed. Oudenaarde kende een bloeiende lakennijverheid en werd een wandtapijtencentrum en bleef dat zeer lang.
In een periode van lange bloei en relatieve rust verrezen prachtige kerken, monumenten, kloosters en hospitalen binnen de ommuurde stad.
Oudenaarde werd het steunpunt van de Graven van Vlaanderen en de stad kreeg tal van voorrechten. De Graven riepen er herhaaldelijk hun Staten samen en bouwden Oudenaarde uit tot een bastion tegen de zuiderbuur en later tegen Gent. In de schitterende Bourgondische tijd noemde men Oudenaarde de 'Verblijfplaats der Edelen' en ooit telde men er 120.
Ook Keizer Karel verbleef gedurende een paar maanden in de stad. Hij verwekte er een dochter bij de tapijtsiersdochter Vandergheynst: Margaretha van Parma, de latere landvoogdes der Nederlanden.
Oudenaarde werd een middelgrote stad met 5.737 inwoners in 1458, 6.313 in 1504 tot 8.467 in 1548. De stad gaf zich een nieuw uitzicht, haar nieuwe rang waardig, met het schitterend stadhuis en de vernieuwde Sint-Walburgakerk. Dat de plannen van beide gebouwen slechts voor een derde gerealiseerd werden, illustreert de uiteindelijke overmoed tijdens deze grootse, wervelende periode. Nooit kenden Oudenaarde en omgeving een grotere bloei en een veelzijdiger ontplooiing.



